Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Westfrieslanddag 2017

Archivering » Ach Lieve Tijd » Deel 9: Westfriezen en hun boeren » pagina 213

Twintig eeuwen West-Friesland, de Westfriezen en hun boeren

Bij dergelijke gebeurtenissen werden de rijtuigen keurig opgepoetst, de paarden geroskamd en voorzien van de mooiste bellentuigen. De vrouwen versierden hun hoofd met kanten kappen en glinsterende sieraden. De mannen waren gekleed in deftig jacquet, compleet met een statige hoge hoed. Zij allen zorgden op hun wagens voor een kleurig schouwspel.


Wie zich omstreeks 1900 wilde laten vereeuwigen, ging naar de fotograaf. Voor zo'n gelegenheid waren de Westfriezen, ook de boeren, ‘pikt en dreven’, ofwel: keurig aangekleed. In de studio van de fotograaf was een huiskamer nagebouwd, waarin de hele familie kon poseren. De dames van deze onbekende familie dragen de kap, die alleen voor hoogtijdagen uit de kast werd gehaald. (WFG)

Palingvel aan dorsknuppel

Hoewel het zwaartepunt van de agrarische sector in de periode 1750-1850 op de veeteelt lag, werd overal op de hogere gronden ook enig graan verbouwd, zoals gerst voor varkens en kippenvoer of haver voor de paarden. Als het zaad rijp was, maaiden de knechten het af met de zicht, een kort soort zeis. Het binden tot schoven werd gedaan door vrouwen en kinderen, waarna de schoven aan hokken (zes paar schoven op rij tegen elkaar) te drogen werden gezet.

De boerderij Vredebest uit 1868 aan de Oudijk bij Westwoud heeft een van de mooiste statie- of pronkdeuren van West-Friesland. Volgens de traditie behoort een pronkdeur alleen open te gaan bij huwelijken en begrafenissen. (P. Sasburg, Midwoud)

Het was algemeen gebruik om het graan op de zolders op te slaan tot de winter. Dan was er meer tijd beschikbaar om te dorsen. Het landwerk en het kazen lagen dan bijna stil. Het dorsen was inspannend werk. Drie of vier mannen sloegen met een houten knuppel, die met een palingvel bevestigd was aan een lange steel, de korrels uit de aren. De korrels werden op een kleed opgevangen. In het Geestmerambacht werd het koren op veel plaatsen gesneden met de sikkel, zoals dat tweeduizend jaar geleden ook al gebeurde, en dan gedorst met behulp van de zogeheten geeselbank. Twee dorsers sloegen in een regelmatig ritme de schoven met grote kracht uit op een stevige tafel, de geeselbank. Overschotten werden verkocht op de Hoornse of Alkmaarse zaadmarkt.

Kanten kappen, lakense pakken

Een flink deel van de negentiende eeuw was een van de rijkste perioden voor de boeren. Zij kregen goede prijzen voor hun producten en konden beschikken over goedkope arbeidskrachten. Door het goede economische klimaat tussen 1850 en 1880 stegen zowel de land- als de pachtprijzen. Langzaam maar zeker gaven de boeren uiting aan hun welstand. Iedere zichzelf respecterende boer bezat een sjees of een kapwagen om uit rijden en naar de kerk te gaan. Bij de vrouwen verschenen opvallende juwelen. Om de hals een streng bloedkoralen, gesloten met een bootsluiting, die bezet was met diamanten. Met een gouden oorijzer onder de kanten kap behoorde je tot de rijke boerenstand en kon je vooraan in de kerk zitten.


Het godvruchtige karakter van boerenfamilies komt niet alleen tot uiting in de zondagse gang naar de kerk. Veel boerderijen zijn versierd met religieuze gevelstenen. Op boerderijen in Opmeer en Wognum zijn de begrippen geloof, hoop en liefde als versiering en als religieuze uiting in de muur gemetseld. (P. Sasburg, Midwoud)

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.