Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Archivering » West-Friesland toen en nu » Deel 6. Het zeegat uit » pagina 42-45

6.9 Oostereiland: van admiraliteitsmagazijnen naar Krententuin

Hergebruik van een eiland

De huidige gebouwen op het Oostereiland in de haven van Hoorn zijn pas na 1813 ontstaan. Ze beslaan bijna de helft van het oppervlak van het eiland en zijn deels gebouwd op de plaats waar de magazijnen van de admiraliteit stonden.


Het Oostereiland gezien vanaf het Houten Hoofd. (Foto TM)

Omstreeks 1686 kwam het gerucht uit Den Haag dat men zocht naar een bekwame dokhaven voor de West-Friese oorlogs schepen. Het liefst met een grote timmerwerf in de directe nabijheid voor de bouw en reparaties van de schepen. Enkhuizen, Medemblik en Hoorn, de drie belangrijkste admiraliteitssteden van West-Friesland, waren wel geïnteresseerd om een dergelijke dokhaven in hun stad te mogen bouwen. Al was het alleen maar omwille van de werkgelegenheid. In de drie steden deed men er daarom alles aan om de overheid voor hun stad te interesseren.

Detail van de kaart van Adrianus Doesjan uit 1794 met de bebouwing op het Oostereiland. De hoofdgebouwen en de noordelijke scheepswerf waren in handen van de admiraliteit. De twee molens staan op een naar links buigende uitloper van het Visserseiland die de Grashaven omsluit.

Uitstel

In Hoorn had men berekend dat de Grashaven, tussen het Ooster- en Visserseiland, plaats bood aan een dertigtal oorlogsschepen en dat in de bestaande pakhuizen ‘elcks schips behoeften als touwen, zeijlen, koegels, kneppels en alles kan leggen’. Alle steden hadden in 1687 een pakket met tekeningen, metingen en kostenberekeningen gereed, maar in 1688 kwam het bericht dat de beslissing over het bouwen van een dok haven was uitgesteld.
Het West-Friese admiraliteitscollege kreeg serieus interesse in het Oostereiland toen het magazijn op het Baadland in 1692 in vlammen opging. Een verhuizing naar een andere locatie bleek noodzakelijk. Binnen korte tijd kocht men vrijwel alle eigenaren van de woonhuizen en pakhuizen op het eiland uit.
Vóór 1700 was het hele eiland in handen van de admiraliteit, met uitzondering van de Rouaanse kade en een oude traankokerij in de zuidwesthoek. Na de Franse inval in 1795 werd de admiraliteit ontbonden en omgevormd tot het Committé tot de zaken der Marine.


Pentekening van het Oostereiland omstreeks 1800, toegeschreven aan Pieter Aartsz Blaauw. (WFM)

Timmerwerf

In de 18de eeuw had de admiraliteit op het terrein nog een grote timmerwerf met loodsen laten bouwen. Ook was er een kleine hoop dat het Oostereiland onderdeel zou gaan uitmaken van een groot Frans marinecomplex.
De keuze viel echter op een locatie aan de Westerhaven van Medemblik, het terrein van het latere Instituut der Marine. Na het vertrek van de Fransen in 1813 kwamen de admiraliteitsgebouwen in bezit van het Ministerie van Justitie. De woon- en pakhuizen werden opnieuw opgemetseld en vergroot. Zo realiseerde men aan de zeezijde een grote U-vormige aanbouw, waarbij een grote binnenplaats ontstond.
De oude bebouwing is vrijwel geheel verdwenen. Alleen in de gevelindeling aan de voormalige Rouaanse kade is nog een deel van het oude dubbele woonhuis van de eerste bewoner Cornelis Schuyt herkenbaar. Het complex werd eerst gebruikt als een werkinrichting voor ongeveer 1.400 bedelaars, functioneerde van circa 1829 tot 1886 als Huis van Correctie en van 1886 tot 1933 als Rijkswerk-inrichting.


Gezicht op het Oostereiland (circa 1715) door Jan Claesz Rietschoof (1652-1719). Het schilderij werd waarschijnlijk in opdracht vervaardigd voor Gerbrand de Vicq, in de jaren 1707/08 raad en in 1712 secretaris van de admiraliteit van West-Friesland en het Noorderkwartier. (WFM)

Rijkswerkinrichting

Waarschijnlijk is in die tijd de naam Krententuin ontstaan, naar de gelijknamige rijkswerkinrichting in Veenhuizen. Nog vrij recent deed het Oostereiland dienst als gevangenis. Het complex voldeed echter al jaren niet meer aan de eisen die aan het gevangeniswezen worden gesteld. In 2007 verkocht Justitie het eiland voor ruim 3,6 miljoen euro aan de gemeente Hoorn.

Enkele oorlogsschepen voor Hoorn omstreeks 1810, vermoedelijk getekend door Pieter Aartsz Blaauw voor de Vaderlandsche Maatschappij. Rechts in het verschiet is het kerktorentje van Schardam te zien. (WFM)

Er zijn plannen gereed om op het Oostereiland ruimte te bieden aan bijvoorbeeld een filmhuis, een museum, een centrum voor varend erfgoed en een horecagelegenheid in de vorm van een fluitschip. Alleen de werkplaats De Zagerij, waar historische vissers schepen worden gerestaureerd en geëxploiteerd, herinnert nog enigszins aan de functie die het Oostereiland ooit heeft gehad.


Gezicht op het Oostereiland vanaf het Julianapark. (foto TM)

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.