Westfries Genootschap
Textieloverleg
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families De Westfriese Molens

 

Delen
:



RSS

Facebook

Westfrieslanddag 2017

Textieloverleg » Nieuws » 2014

Verslag van de bijeenkomst medewerkers Museale Textiel van Noord-Hollandse Musea, op 08-04, 2014 te Hoorn

Onderwerp: Kasjmier sjaals, lezing door kunsthistoricus Harold Bos

Niet aanwezig: Susan van 't Hof, Francois Poulain, Ali Vis, Dicky Snijders, Ada vd Poelgeest, Jannetje Schouten, José Volten.

Beste mensen,
De bijeenkomsten worden vanaf deze keer vanuit het museum verzorgd door onze contactpersoon Erna Wiedeman. De eerste keer was prima, hiervoor onze hartelijke dank.

Bij de mededelingen worden verschillende folders op tafel gelegd. Ondergetekende raadt de tentoonstelling De Zijderoute aan, die in de Hermitage aan de Amstel te zien is. Ook de dubbeltentoonstelling van het werk van Jacob van Oostsanen (16de eeuw), in het Alkmaars- en het Amsterdam Museum is de moeite waard. Vooral de stofuitdrukking van prachtige gewaden in granaatappelpatronen is voor ons interessant.
Aanbevolen: een boek over kant van Yvonne Schele. Zij maakt kloskantwerk, geïnspireerd op Chinese motieven. Het boek is mooi verzorgd, in full color, kost 44 euro. Uitgave 2013, Apeldoorn. Verkrijgbaar o.a. in de museumwinkel van de Hermitage.
Naar aanleiding hiervan komt de mededeling dat de kantklosschool in Wijdenes 100 jaar bestaat en dat hierover een publicatie is verschenen.
Lies Smit (Kap en Dek) bericht dat de jaarvergadering geweest is. Lies heeft een visserstrui gebreid voor Hans Verberne, mét pompoentjes!

Onze “eigen” Harold Bos gaat ons vanochtend vertellen over de ontwikkeling van de kasjmier sjaals, die in verschillende vormen bekend zijn en toont lichtbeelden.
De sjaals komen van oorsprong uit Noordwest India en zijn gemaakt van fijne wol die afkomstig is van het haar van de kasjmier geit. Aan het einde van de 18de eeuw, na 1789, komen ze in de mode. Ze zijn erg duur, maar zeer geliefd. De Empirekleding is, naar voorbeeld uit de klassieke oudheid, van dunne stof gemaakt. Zo'n lange sjaal geeft behaaglijkheid. Ze waren in het begin rechthoekig en wel 4 meter lang, en 80 of 160 cm breed. De ingeweven dessins zijn geïnspireerd op plantaardige motieven, gestileerd tot de bekende wortel van de Buta (mir i botha), een ovale vorm met een kromming onderaan. Dit dessin wordt ook wel Paisley motief genoemd, naar de plaats in Schotland, waar de doeken vanaf 1840 geweven worden. Eerst met ingeweven patronen, later met bedrukte.
De sjaals hebben aan de lange kant een border met franje. In het midden is een groot effen veld, dat naarmate de tijd vordert, steeds meer ingenomen wordt door patronen. Van 1810 tot 1820 is de ondergrond beige of naturel. De dessins zijn in prachtige kleuren.
Vanaf 1820 gaat men de doeken machinaal weven, in Frankrijk te Lyon en Parijs. De vraag stijgt, hoewel de prijs nog hoog is. De dames (of hun echtgenoten) tellen er duizenden francs voor neer. Ze worden ontworpen door kunstenaars als Berrus en Ebèrt en gemaakt van zijde en wol. Harold wijst er op dat er goed naar de achterkant gekeken moet worden: daar staan de merktekens (stempels) van de fabricage en de waardering. Zo werden er prijzen uitgereikt voor de ontwerpen, zoals de medaille d'Honneur.
De lange sjaal wordt bij de Biedermeiermode met haar wijde rokken, als lastig ervaren. Ze wordt ingesnoerd, maar al spoedig vierkant gemaakt. De motieven nemen steeds meer plaats in op het middenveld, dat tot een klein midden-patroon gereduceerd wordt. Het ontwerp beheerst rond 1840/50 de hele doek en is zeer kleurrijk.
Aan het einde van de 19de eeuw worden er mantels en japonnen gemaakt van de grote sjaals, zo wordt bijvoorbeeld een japon uit 1890 gemaakt wordt van een lichte sjaal uit 1815.
Het dessin van de doeken blijft tot ver in de 20e eeuw populair in de zgn Worteldoeken, die boven schoorstenen (voorzien van een koperen salamander!) en achter kapstokken gedrapeerd worden. Ze hebben een roze-rode kleur met een zwart of rood middenveldje en zijn van katoen of/en wol gemaakt. Het Paisleymotief komt in de mode steeds weer terug: in de zeventiger jaren van de 20e eeuw dragen zowel heren als dames kleine bedrukte sjaals in katoen en zijde.

Voor we aan het rondje beginnen zijn er nog wat boeken te verdelen. Er blijft nog wat over in de dozen, want veel informatie is gedateerd of iedereen heeft het al.
Daarna het gebruikelijke Rondje:
Harold bijt de spits af. In Huys Auwerhaen ontvangt hij groepen van acht personen rond een bepaald onderwerp, zoals zilver, meubels of keramiek. Verder geeft hij adviezen over interieurs in oude panden: o.a. over wandbespanning, meubelrestauratie en temperatuur. Hij zegt verbaasd te zijn over de onzorgvuldigheid ten aanzien van het beheer van cultureel erfgoed. Voor informatie: www.huysauwerhaen.nl.
Op Marken is de jaarlijkse tentoonstelling inmiddels open. Iédere dag, zo benadrukt Neeltje. Kinderen vormen het onderwerp. Er is kinderkleding te zien (40 verschillende kostuums), speelgoed en schilderijen.
In Museum Betje Wolff (Middenbeemster) gaat men werken aan oplossingen voor verbeterpunten. Zo willen ze van Harold weten welke bedrijven goed en niet te duur zijn om straling werend folie voor de ramen te plaatsen. De tentoonstelling heet “Koffie kan, thee ook”. De tuin wordt ingericht als terras en er komt sponsoring van Douwe Egberts.
Op Texel besteden ze dit jaar aandacht aan de recentere tijd: Van Sanseveria tot Sarasania. In de 60er jaren is dit een schuur geweest waar beatmuziek klonk.
In het Sterckenhuis te Bergen staan de jaren 1914-1918 centraal. Het vluchtelingenwerk van het steunkommitee van mevr. Van Rheenen wordt belicht. Er is een oproep: wie heeft er molton dekens uit die tijd en wil ze voor 16 mei in bruikleen geven?
In Hoogwoud gaat de Westfriese boerderij op 15 juni weer open. Er zijn archeologische vondsten te zien.
De Schermermolen en de Museummolen zijn gefuseerd in een Stichting waarin 15 molens samenwerken. Hierdoor komen er meer mogelijkheden voor activiteiten. Ze zijn zeven dagen in de week open.
In het Honig Breethuis is de tentoonstelling van Louis Alberti geopend. Zie voor de activiteiten: www.honigbreethuis.nl.
Welmoet Honig vertelt dat het ornament in het bovenlicht van haar woning aan de Zaanse Lagedijk aan restauratie toe is, met name het bladgoud. Het stelt vrouwe Fortuna voor. Haar vader, ooit eigenaar van de papiermolen het Fortuin heeft het laten aanbrengen. Ook zij vraagt Harold om informatie.
Lies Smit wijst op de gekostumeerde Midzomeravond in Twisk op 21 juni.
Uit Edam komt het treurige bericht dat het oude museum wegens bouwvalligheid gesloten is. De collectie is elders ondergebracht. Volgens Ada van het museum en Aaf Steur (Volendam) hebben de lokale partijen van vooral Volendam geen oog voor cultureel erfgoed.
In het stadhuis van Edam, Damplein 1, is een expositie over papierwerk onder de titel “Papier, het platte vlak voorbij”. Informatie www.edamsmuseum.nl.
De tentoonstelling in museum Jan Lont heet “Naar schoel” en gaat over scholen in Den Oever en Hippolytushoef. Jeanne vertelt over de vele activiteiten. Zo komt er op 29 juni een Wieringer begrafenis (met de Huik!) en op 13 juni en 10 augustus Taandagen waarbij zeilen en netten getaand worden en er zijn verteldagen in dialect. De boerderij is ook een trouwlocatie. Jeannes vervangster in het museum is Bea Horstman, die voortaan onze bijeenkomsten zal bezoeken. We hopen dat Jeanne zelf ook nog blijft komen!
Hans Verberne vertelt dat de Zuiderzeedagen in het Zuiderzee Museum een andere vorm krijgen en er meer aandacht voor streekdracht zal zijn. Op 7 juni presenteren zich zeven klederdracht- en dansgroepen en dit moet een jaarlijks terugkerend festijn worden.
Er komt daar een Marker bruiloft (niet op de schaats) op 18 mei. In Nunspeet is het de vrijdag na Pinksteren Eibertjesdag. Helaas worden veel streekdracht enthousiastelingen te oud en is er geen jonge aanwas. De miss Westfriesland verkiezingen gaan wel door.
Als laatste meldt Aaf dat er eind juni Volendammer dagen zijn, gekoppeld aan een kunstroute.

Voor aanvullingen wat betreft activiteiten houden we ons aanbevolen!
Hartelijke groet, mede namens Aaf Steur-Sombroek, Neeltje van Altena- Boneveld en Susan van 't Hof-vd Baan,
Leontine Kuijvenhoven-Groeneweg, secretaris.

 


© 1924-2017 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.