Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

 

Facebook

Archivering » Boeken » Hé, is dat Westfries? » Pagina 20-21

Woorden en uitdrukkingen: 44-59

44. Wanneer gaan jullie trouwen?
Deer is nag gien zeg van (dat is nog niet te zeggen), we zoeken nog naar 'n huis.

45. Dat is 'n gezin waar booi of: boos meester is (waar geen orde is, waar 't recht van de sterkste geldt) .

46. Dat kindje skreeuwt (huilt) bijna de hele dag.

47. Als 't druk is in 't bedrijf, begint vader, 's morgens na 't stik-eten (brood-eten, boterham-eten) al te boizen en te baaieren (jakkeren om iedereen aan 't werk te krijgen; iedereen wordt opgejaagd met onnodig druk-doen van vaders kant).

48. Was je vroegere knecht ijverig?
Nee, hij was wat trekkerig, wat polig (beide betekenen: wat lui, wat langzaam, niet kwiek en actief). Maar met m'n nieuwe knecht heb ik 't getroffen, 't is 'n weerwoest ('n wildeman, 'n harde werker, iemand die van aanpakken weet).

49. Die vrouw is erg zels (ze houdt van gezelschap, ze is niet graag alleen).

50. Ik houd niet van mensen, die lang lopen te koppen ('n kop tonen, met 'n kop lopen, wrokken).
Dat gekop moet je afleren, jongen.

51. Piet Hoedjes was 'n poestig kereltje (driftig, oplopend, kort aangebonden, onbeheerst).

52. Die vrouw is erg nauwnemend (vooral op godsdienstig gebied: ziekelijk conscientieus, scrupuleus, angstvallig, niet ruim van opvatting). In de dagelijkse omgang kan 't betekenen: al te precies, te gevoelig, weinig kunnende tolereren.

53. Opa is 'n ouwe grommelpot (mopperaar, grompot, brompot); niemand kan 't met hem helen (vinden, niemand kan met hem in goeie harmonie leven).

54. Dat kind is 'n trut (treuzel, ze heeft 'n langzaam werktempo).
't Is geen reddig meisje (niet redzaam, handig, flink).

55. Ken je z'n vrouw? Jawel, ze is wel wat 'n leukerd (zonderling, ietwat afwijkend). Ze gedraagt zich soms zo leuk, zo aardig (zo vreemd, zo zonderling).

56. Je kunt hem nooit geloven; 't is 'n grote jokkebel, liegebel (leugenaar, jokkebrok).
Kinderrijmpje:
Jokkebel komt in de hel
Bij alle dooie skeipen
Deer moet ie vannacht bai sleipen.

57. Oom Tamis zit goed in de slappe was, maar hij is erg kneertig (gierig, karig, krenterig). Tante Aagt is ook 'n kneertkont (klaagster, die veel zanikt en zeurt en afkeurt en niet graag geld uitgeeft).
Toch heb ik oom Tamis liever dan z'n broer. Dat is 'n ruwaan ('n brutale, gevoelloze schoft, 'n rouwdouw). Zo ruwanig ziet men ze zelden! En hij loopt ook z'n hele leven te kneerten (kankeren) over 'n cent. Met dat soort mensen kun je onmogelijk goeie buisies (goeie maatjes) blijven.

58. Ik ben voortdurend louf (moe, vermoeid). Soms ben ik voor de middag al louvig (lichtelijk vermoeid). Ik ga maar 'ns naar de dokter, want altijd maar die loufte (moeheid) is niet goed. Ik ben dat baantje ook louf (ik doe m'n werk met tegenzin).
Vader is nooit louf en hij zegt dan tegen mij: Louf kin lang an (vermoeid zijnde kan men nog lang doorwerken).
Er zijn wel mensen, die liever lui as louf binne (liever voor lui doorgaan dan dat ze zich door 't werken moe maken).

59. Gister was vader jarig. We kregen veel visite. Moeder had veel drukte. Vandaag is ze erg verreisd (moe, vermoeid).
Opm.: in 't Ned. betekent het: de sporen vertonend van 'n vermoeiende reis.
Je kunt zien, dat ie gister naar de kermis is geweest; wat ziet ie er verhouwen uit (katterig, verlept, onfris).
Hij ziet er uit als 'n gijp (als 'n geest, bleek, verlept).

 


© 1924-2019 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.

Westfrieslanddag 2019