Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

 

Facebook

Archivering » Boeken » Hé, is dat Westfries? » Pagina 134-135

Westfriese spreekwoorden, zegswijzen en uitdrukkingen (1/10)

In de rangschikking is een zo goed mogelijke alfabetische volgorde nagestreefd. Soms zijn twee uitdrukkingen die (ongeveer) dezelfde betekenis hebben, bij elkaar geplaatst.
Misschien komen er enkele in voor, die in de hier vermelde of in een gewijzigde vorm of betekenis, in een wijder gebied dan West-Friesland gehoord worden.
Dat sommige zegswijzen, enz. uit deze rubriek ook elders in dit werk voorkomen, zal de lezer niet verwonderen.

Je moet geen auto kopen van tien jaar oud. Je koopt 'n andermans verdriet. Dat is altijd de achterdeur uit (nadelig, 'n schadepost, vrijwel zeker verlies in zicht).
Vgl. De voordeur inkommen.

Als men een nieuwsgierig kind, dat naar de inhoud vraagt van iets wat verpakt is, met een kluitje in 't riet wil sturen, zegt met wel: Apies mit kale gatjes.

Hij heeft een verbeelding as 'n zak armeturf (hij doet zich voor als iemand van betekenis, maar kan er niet een acceptabele vorm voor kiezen).

Ik heb 't zo drok as 'n barbier mit ien klant (door een toevallige samenloop van omstandigheden schijnt 't of ik 't heel druk heb. Meestal maar voor enkele ogenblikken).
Eenzelfde betekenis heeft de uitdrukking Ik heb 't zo drok as 't waswoif.

"Hebben de gasten aan die tafel voldoende brood, vlees, kaas, enz?" vraagt moeder.
Er wordt geroepen: "Ja, we hewwe hier alles wat 'n bedelaar toekomt!" (van alles voldoende).

Niet toegeven, hoor, je bien stoif houwen (op je stuk blijven staan)!

Hij is arm geweest, maar hai heb de biene onder 't gat kregen (hij heeft zoveel verdiend, dat ie er financieel goed bij zit).

Men vroeg hem om 'n gift voor 't Rode Kruis, maar hai had kouwe biene (hij weigerde, hij had er geen lust toe).

't Bien is stik tussen die twei (de vriendschap is uit, 't is ruzie geworden).

Hij raasde en tierde en dreigde, maar je moet je dat niet aantrekken, dat zakt wel in de biene (dat sterft wel uit, zonder sporen achter te laten).

Als ie op school nog straf tegoed had, dan ging ie soms de bink speulen of: pinkie draaien (de school verzuimen, spijbelen). 't Was me zo'n rosbaier (robbedoes, kwajongen).

Die veehandelaar is mit de bille deur de broek (failliet), hij is van de boel of (failliet, arm). Hij heeft de kiel en de stok nog over.

Ik kon direct na aankoop van die koe er vijftig gulden op winnen. Ik verkocht 'm, want die binnen binne bin de beste (deze winst is zeker, 't staat nog te bezien of 'k er later meer aan verdienen zal).

Die knaap moet mit 'n strak bit reden worre ('n strakke opvoeding hebben), anders springt ie uit de band.

Die man heb woinig bloed in z'n ore (hij is niet flink, heeft geen eigen gefundeerde mening).

Ik verdien geen vast loon met 't onderhouden van 't tuintje van m'n buurman, maar van tijd tot tijd valt er wel 'ns wat van 't blok (krijg ik 'n extraatje, 'n verrassing).

In een gesprek springt ie van bok op jasper (hij verandert telkens van onderwerp, hij springt van de hak op de tak).

De dienstbode werd ontslagen: die maakte er maar 'bolsteertje van (deed 'r werk met de Franse slag, maakte zich er met 'n Jantje van Leiden af, gooide er met de pet naar).

 


© 1924-2019 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.