Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

 

Facebook

Archivering » WFON » 1936 » Pagina 94-96

Steenen kamers

Eerder verschenen in West-Frieslands Oud en Nieuw, 10e bundel, pagina 94-96.
Uitgave: Historisch Genootschap 'Oud West-Friesland', 1936.
Auteur: J. Boon.

In de eerste aflevering van „West-Friesland's Oud en Nieuw” komt een artikeltje voor van den heer P. Schuurman te Graft getiteld „De Steenhuizen of Steenen kamers”.
Behalve de daarin genoemde steenen kamer in den HeerHugowaard heeft er ook in Oude Niedorp een steenen kamer gestaan, zooals blijkt uit de Transport-registers van Oude Niedorp.
Op 8 September 1659 heeft n.l. Saeul Lodth, brouwer tot Alckmaar in de Drie Ruyte wel en wettelijck vercoft ende opgedragen aan de dorpe van Oude niedorp, een steenen kamer soo groot ende kleyn als deselve staet buyten sijn mueren ofte voetinge, met het halve erff agter de voorsz. kamer te weeten an de suydtkant, staen en leggende tot Oude niedorp aen Horn, belent hebbende Corns Gerrits timmerman ten Oosten, Jan Jonghens huys ten suyden, d'heerenweg ten westen en de noorden voor de somma van vijf hondert Car. gulden.

Op denzelfden dag heeft dezelfde verkocht aan:
Corns Gerrits timmerman binnen dese stede oude niedorp aen Horn, een huys ende halff erff gelegen aen de westkant van 't huys, staen ende leggende in de banne van oude nierop voornt op d'Horn, daer hij Corns. Gertsz. tegenwoordigh in woont, belent Claes Tymense midtwout ten oosten, Jan Jongens huys ten suyden, dorpskamer ofte raethuys van oude niedorp ten westen ende is daer aen ex. d' Heereweg te westen ende noorden, voor nij huys ende erff, enz. voor 5 hondert Guldens.

Uit deze beide acten meen ik de gevolgtrekking te mogen maken dat de in de eerste acte bedoelde steenen kamer is de dorpskamer ofte raethuys, bedoeld in de 2e acte, dus dat Oude Niedorp in 1659 door koop in het bezit kwam van het ettelijke jaren geleden afgebroken oude raadhuis.

In dat jaar 1659 waren Aeryen Lambertz Schodtvanger en Cornelis Aeryens Blockhyus schepenen van Oude-Niedorp.
De laatstgenoemde is dezelfde persoon als Cornelis Adriaensz van de Blocqhuysen, genoemd in het artikeltje van den heer Schuurman.
Dat deze Cornelis Adriaens Blockhuys, wonende op de Blokhuyzen, zoo als hij in verschillende notarieele acten en in de Transportregisters wordt genoemd, in een steenen huis op de Blokhuizen heeft gewoond, meen ik echter in twijfel te moeten trekken.
Een tijdgenoot van dezen Cornelis Adriaens Blokhuis was Pieter Rense Boon, mede wonende op de Blokhuizen en evenals Corne1is Adriaens bij toerbeurt schepen en burgemeester van Oude Niedorp.
Deze Pieter Rensz Boon, waarvan o.g. een rechtstreeksche afstamming is, werd in de verschillende notarieele protocollen en in de Transportregisters, behoudens enkele uitzonderingen aangeduid als Pieter Rensz Blockhuys, wonende op de Blockhuyzen.

Hierbij moge er aan herinnerd worden, dat in dien tijd de familienaam vaak vervangen werd door den naam van de plaats of het onderdeel, waar de persoon woonde.
Cornelis Adriaens Blockhuys en Pieter Rensz Blockhuys (eigenlijk Boon) zooals ze in de bedoelde acten worden genoemd, bestonden elkaar niet in den bloede, voor zoover ik heb kunnen nagaan, alhoewel de gelijkheid van naam zulks zou doen vermoeden, wanneer men geen rekening houdt met het vorenstaande.

Cornelis Adriaens Blockhuys, die tusschen 5 December 1674 (datum van testament) en 9 Maart 1675 op de Blokhuizen overleed, benoemde in zijn testament tot voogden over zijne twee kinderen zijn twee neven Jan Thonisz. Rocker, wonende op Kalverdijk, die in 1684 baljuw van Harencarspel was en diens broer Simon Thonisz. Rooker, wonende op Langedijk.

Als wettig gestelde voogden – de stede niedorp had een weescamer – van deze twee kinderen werden aangewezen Pieter Rense Boon (Blockhuys) wonende op de Blokhuyzen en Gerrit Amelsz Berck, wonende in de Boomen.
Deze testamentaire en de wettig gestelde voogden verkochten in de jaren na 1674 diverse vaste goederen van wijlen Cornelis Adriaens Blockhuys doch waar sprake is van een huis op de Blokhuizen o.a. in de acte d.d. 5 Februari 1685 in de Transportregisters van Oude-Niedorp, staat daarbij niet vermeld, dat het een steenen huis was. Ware het een steenen huis geweest, dan zou zulks vermoedelijk wel vermeld zijn.

De naam Blokhuizen voor het gehucht komt trouwens reeds. veel vroeger voor, zoo o.a. in een charter van 3 Juli 1482 als volgt luidende:
„Johan van Schagen, heer toe Scagen, Barsingerhorn, Harinckhuysen en Burchhorn, geeft in leen aan Cornelis Cornelisz op ten Blockhuys (in enkelvoud) dezelfde anderhalf geers rietland, gelegen in de ban van Oude-Nyedorp, genaamd „Valckebosch”, welke wijlen Jan Rens en diens schoonvader bij transport verkregen hadden van wijlen Willem Heynrick, die ze zelf in leen ontvangen had van den heer van Burchorn.
Gegeven op onzen Sloote van Schagen, den 3 Juli anno tachtich en de twee.”

En twee eeuwen daarvoor, n.l. in 1288 bestond „Blockuis” in Oude-Niedorp reeds volgens het bekende werk van mr. G. de Vries Azn.: „De kaart van Hollands Noorderkwartier in 1288”.
De naam Blokhuizen of zoo als oorspronkelijk geschreven in het enkelvoud „Blochuus” in 1288 en nog als „Blockhuys” in het enkelvoud in 1482 doet mij denken aan een kleine sterkte, welke diende tot versperring van een weg te land of te water.
Deze sterkten werden oudtijds van boomstammen, balken, gemaakt en de plaats lijkt mij goed gekozen op den dijk, die bescherming bood tegen het Witsmeer en de Slootgaard en die indertijd met de Westfriesche zeedijk de eenige weg was, die toegang gaf tot het hart van West-Friesland van de zijde van Schagen.

J. Boon.

 


© 1924-2019 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.

Westfrieslanddag 2019