Westfries Genootschap
Archivering
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

 

Facebook

Archivering » WFON » 1969 » Pagina 93-95

Johannes Martinus Messchaert (9/9)

Messchaert had geen krachtige, wel een begaafde stem. Met begaafdheid alleen had hij niet tot zulke hoge kunstuitingen kunnen komen. Door zijn grote fijnzinnigheid, door het leggen van inhoud in dagene wat hij zong, drukte hij de innige samenhang uit tussen stem en muziek. Mengelberg drukte het, sprekende over Messchaerts vertolking van de Christuspartij in de Matthäus Passion als volgt uit: 'Wie heeft, als hij, de gave door woord en zang alles om U heen te doen vergeten, U te suggereren, dat niet de zanger, doch de persoon, die hij voorstelt, voor U staat' (173).

Datgene wat Messchaert zich aanvankelijk ten doel gesteld had, en waarvoor hij grotendeels zijn opleiding genoten had: de dramatische toonkunst, heeft hem bij zijn optreden als concertzanger altijd voor ogen gestaan. Met dit verschil echter, dat de operazanger vele middelen ten dienste staan tot het uitbeelden van zijn rol, terwijl Messchaert slechts één expressiemiddel had, zijn stem.

Hoorn, 1969

Bron:

Inventaris van gedenkstukken met betrekking tot de zanger Johannes Martinus Messchaert (1857-1922). Hoorn 1968. Westfries Museum.
De stukken en voorwerpen dragen het onderscheidingsnummer CM.

Litteratuur:

Eduard Reeser: Een eeuw Nederlandse muziek. Amsterdam 1950.
J. D. C. van Dokkum: Honderd jaar muziekleven in Nederland. Een geschiedenis van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst. 1829-1929. Amsterdam 1929.
Nederlands Patriciaat, 16e jaargang, 1926. Rotterdamse geslachten II.
P. A. Scheen: Honderd jaren Nederlandsche Schilder- en Tekenkunst. 1750-1850. 's-Gravenhage 1946.
100 jaar in Hoorn. Gedenkboek, samengesteld ter gelegenheid van het 100-jarig bestaan van het Westfriese Lyceum/HBS. Hoorn 1968.
Mr. Henri Viotta: Onze Hedendaagse Toonkunstenaars. Johan Messchaert. Amsterdam z.j.
A. Röntgen - des Amorie van der Hoeven: Brieven van Julius Röntgen. Amsterdam 1934.
Julius Röntgen: Grieg. 's-Gravenhage z.j.
Willem Mengelberg. Gedenkboek 1895-1920. Onder redactie van Paul Cronheim. 's-Gravenhage 1920.

Noten:

1) Nederlands Patriciaat, 16e jaargang, 1926. Rotterdamse geslachten II, blz. 212-236 en blz. 303-305.
2) P. A. Scheen: Honderd jaren Nederlandse Schilder- en Tekenkunst. 1750-1850. 's-Gravenhage 1946. blz. 278-279.
3) Inventaris van Gedenkstukken met betrekking tot de zanger Johannes Martinus Messchaert. Hoorn 1968 CM FII 34 t/m 40.
4) CM BIII 15.
5) Nederlands Patriciaat, blz. 221.
6) CM CII 14, blz. 310.
7) CM F VII 2.
8) CM BIV 1, AII 41, brief 1902.
9) CM AII 41, idem.
10) CM BII 32.
11) 100 jaar in Hoorn. 1868-1968. Gedenkboek, samengesteld ter gelegenheid van 't 100-jarig bestaan van het Westfries Lyceum/HBS. Hoorn 1968. blz. 103.
12) Nederlands Patriciaat, blz. 221.
13) Mr. Henri Viotta: Onze Hedendaagse Toonkunstenaars. Johan Messchaert. A'dam z.j., blz. 4.
14) Eduard Reeser: Een Eeuw Nederlandse Muziek. Amsterdam 1950. blz. 21.
15) J. D. C. van Dokkum: Honderd jaar muziekleven in Nederland. Een geschiedenis van de Maatschappij tot Bevordering der Toonkunst. 1829-1928. Amsterdam 1929. blz. 3.
16) Viotta: Op. cit. blz. 4.
17) CM BIII 14, Progr. 3-6-1878.
18) CM AII 240.
19) Viotta: Op. cit. blz. 5.
20) CM AIII 2.
21) CM BXI 2.
22) CM BIX 5.
23) Viotta: Op. cit. blz. 6.
24) CM AII 242.
25) Van Dokkum, Op. cit., blz. 216/217.
26) CM AII 255.
27) CM AIII 1.
28) CM AIII 1.
29) Viotta: Op. cit., blz. 9.
30) CM BV 1.
31) CM BIII 13, 14, 15.
32) CM BIII 1 en 12.
33) Van Dokkum: Op. cit., blz. 221.
34) Ibid. blz. 221.
35) CM CII 14, blz. 312.
36) CM AIII 2.
37) CM BI 11.
38) CM DII 6.
39) CM AI 10
40) CM AIII 2.
41) CM AIII 2.
42) CM BI 1.
43) CM CII 28.
44) Van Dokkum: Op. cit., blz. 266.
45) CM DII 6.
46) CM AII 197, brief 30-11-1917.
47) CM AII 255, brief 21-1-1920.
48) CM AIII 2.
49) CM BI 5 t/m 9.
50) CM BII 8, zie Vorwort.
51) CM DII 9.
52) CM BIII 9.
53) CM GI 22.
54) CM GI 36.
55) A. Röntgen - des Amorie van der Hoeven: Brieven van Julius Röntgen. Amsterdam 1934, blz. 2 en 3.
56) Ibid. blz. 6.
57) Ibid. blz. 3, Julius Röntgen: [Grieg]. 's-Gravenhage z.j., blz. 11.
58) Brieven van Röntgen, blz. 42.
59) CM CII 33. 't Artikel is geschreven door Julius Röntgen.
60) Reeser: Op. cit. blz. 22/23.
61) Ibid.
62) Viotta: Op cit. blz. 6.
63) CM CII 33, AII 195, brief 29-4-1884.
64) CM BVI 1 en progr. 11-5-1879.
65) CM BVI 3 en progr. 9-9-1881
66) Viotta: Op cit. blz. 12 en 13.
67) Van Dokkum: Op cit. blz. 223. Reeser: Op cit. blz. 223.
68) CM AII 195, brief 6-5-1884.
69) Brieven van Röntgen, blz. 51.
70) Viotta: Op cit. blz. 9.
71) Van Dokkum: Op cit. blz. 221.
72) CM EIII 11, Handelsblad 28-8-1938.
73) CM AII 231.
74) CM AII 219.
75) CM AII 244, brief 29-10-1902.
76) CM AII 247.
77) CM CII 26.
78) CM CII 42.
79) Brieven van Röntgen blz. 56.
80) CM AII 83, brief 21-12-1887; BXI6.
81) CM AII 83, rondschrijven.
82) Brieven van Röntgen blz. 162.
83) Röntgen: Op. cit. blz. 63.
84) CM FV 8.
85) CM AHI 2.
86) CM AII 136 .
87) CM BI 11.
88) CM BV 2.
89) CM BI 11.
90) CM AIII 2.
91) CM BI 11.
92) Van Dokkum: Op. cit. blz. 221.
93) CM BIII 11.
94) CM CII 11.
95) Van Dokkum: Op. cit. blz. 221.
96) CM AII 69, brief van 1897.
97) CM AII 69, brief van 1904.
98) Viotta: Op. cit. blz 7.
99) CM AII 309.
100) CM CII 34.
101) CM CII 34.
102) Reeser: Op. cit. blz. 146.
103) Van Dokkum: Op. cit. blz. 263.
104) Brieven van Röntgen blz. 125.
105) Ibid. blz. 124.
106) Ibid. blz. 123.
107) Willem Mengelberg. Gedenkboek 1895-1920. Onder redactie van Paul Cronheim. 's-Gravenhage 1920, blz. 163.
108) CM DII 9, Telegraaf sept. 1922.
109) CM CII 33.
110) CM AV 3.
111) CM DII 9.
112) Röntgen: Op. cit. blz. 18 en 19.
113) Ibid. blz. 58, CM AII 103, brief 20-5-1897.
114) Röntgen: Op. cit. blz. 51.
115) CM AII 296.
116) Röntgen: Op. cit. blz. 64.
117) CM AII 103, brief 20-5-1897.
118) Röntgen: Op. cit. blz. 76.
119) Brieven van Röntgen, blz. 169. Röntgen: Op. cit. blz. 67/68.
120) CM AI 5, brief 15-11-1896.
121) CM CII 33.
122) CM BIII 1.
123) Brieven van Röntgen, blz. 176.
124) Ibid. blz. 82.
125) Ibid. blz. 82.
126) CM AII 225, brief 21-6-1910.
127) CM AII 225, brief 14-3-1912.
128) CM BIII 1.
129) CM DII 6.
130) Brieven van Röntgen, blz. 204. CM CII 225, brief dec. 1920.
131) CM AII 225, brief aug. 1917.
132) CM BII 25.
133) CM AII 225, brief 7-9-1917.
134) CM AII 225, brief 30-11-1919.
135) CM EII 10, brief 21-8-1923.
136) Ibidem.
137) CM BV 12.
138) CM BXI, bijgev. aantek. speech.
139) Inlichting verkregen van drs. P. J. J. van Thiel, hoofd van de afdeling Schilderijen van het Rijksmuseum, Amsterdam.
140) CM AII 51, brief 9-3-1900.
141) CM BIII 8, progr. 20-3-1900.
142) CM AI 22, brief uit Amsterdam.
143) Van Dokkum: Op. cit. blz. 218.
144) CM BIII 15.
145) CM AII 185.
146) CM AII 185.
147) CM AII 185.
148) CM AI 12, brief 14-2-1907.
149) CM BV 3.
150) CM CII 28.
151) CM AII 292, brief 3-10-1902.
152) CM CII 4.
153) CM AI 22, brief uit Amsterdam.
154) CM AII 193.
155) CM AII 29, brief 12-1-1908.
156) Mengelberg, gedenkboek blz. 97.
157) CM AII 42, brief 10-11-1894.
158) CM AII 42, brief 8-5-1896.
159) Ibidem.
160) CM BIII 15, BV 1 t/m 6.
161) CM AII 193, brief 2-4-1906.
162) CM AI 22, brief uit A'dam.
163) CM BV 6.
164) CM BIII 8, 15.
165) CM AII 152, brief 7-4-1919.
166) CM AII 147.
167) CM BII 9,10.
168) CM EIII 3.
169) CM EIII 4, blz. 102.
170) CM EIII, 4 blz. 102/103.
171) CM BVII 6.
172) CM CII 34.
173) CM CII 28.

 


© 1924-2018 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.