Westfries Genootschap
Westfries Genootschap Archivering Bouwhistorie Creatief Westfries Geschiedschrijving Kap en Dek Landelijk Schoon

Monumentale Kerken Projector Reiscommissie Textieloverleg Vrienden Westfries Museum Westfriese Families Westfriese Molens

 

Facebook

Westfrieslanddag 2019

Westfries Genootschap » Omringdijk » Verhaal v/d maand » 2013 » januari

De Zuiderdijk

Volkert J. Nobel

De Zuiderdijk. Een verbinding over land tussen Hoorn en Enkhuizen. Onderdeel van de Westfriese Omringdijk. Het 126 kilometer lange dijklichaam, dat West-Friesland sinds medio de veertiende eeuw heeft beschermd tegen het zilte water van de Noordzee en de Zuiderzee. Een waker. En met succes. Op 5 november 1675 brak de waterwolf, een paar kilometer ten zuiden van Scharwoude, voor het laatst door het dijklichaam. Een eenvoudig gedenkteken – ter plaatse op de dijk: een initiatief van het Westfries Genootschap – herinnert er aan: 5 november 1675 – 5 november 1975 West-Friesland drie eeuwen droog, Met dank aan de waterschappen.

In 1976, bij het vaststellen van de Monumentennota, wordt door Provinciale Staten van Noord-Holland de behoefte uitgesproken om te komen tot een provinciale monumentenverordening. In 1983 is het zo ver. En op 24 maart 1983 heeft de provincie Noord-Holland haar eerste provinciale monument: de Westfriese Omringdijk, 126 kilometer lang, muur tégen het water, symbool vóór eenheid. Johan J. Schilstra, de “vader van de Omringdijk”, ziet zijn inspanning hiertoe met succes bekroond. Hij krijgt de steun van alle Statenleden. En zijn waarschuwende woorden, uitgesproken vóór de stemming – “Zowel voor wat betreft de cultuurmonumenten als voor wat betreft de natuurmonumenten is sprake van een onontkoombaar proces. Als iets eenmaal weg is, behoeven wij er niet meer over te praten” worden met applaus onderstreept.

Zorgplicht
In den beginne was er, door de natuur geboetseerd in de luwte van een strandwal, een waddengebied waarin water en wind vrij spel hadden. Op wat hoger gelegen kreekruggen vestigden zich de eerste mensen. Om de voeten zo veel mogelijk droog te kunnen houden namen die bewoners de aanleg van dijkjes ter hand en daarmee gaven zij vorm aan het gebied. Met het sluiten van de 126 kilometer lange Omringdijk kreeg West-Friesland, veroverd op en nadien verdedigd tégen het water, uiteindelijk omstreeks 1350 zijn huidige (definitieve) “gezicht”.
Beheer èn onderhoud van dijken berustten van oudsher bij degenen die de dijk hadden gemaakt en er voor hun bestaan afhankelijk van waren. Een zorgplicht, die later werd overgenomen door banne-, polder- en waterschapsbesturen. Met in die besturen mannen uit het betrokken gebied. Onder hen veel agrariërs: boeren en tuinders, voor wie het buitengebied hun werkplaats was, voor wie de natuur weinig of geen geheimen kende en die vertrouwd waren met de grillen van het weer. En niet onbelangrijk: die het vertrouwen hadden van hun ingelanden, de bewoners van het gebied. Na 5 november 1675 heeft de zilte Zuiderzee (met eb en vloed) vergeefs storm gelopen tegen de Omringdijk!

Onze Omringdijk
Sinds 1 januari 2003 is er nog maar één waterschap: het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, dat is belast met beheer en onderhoud van de Omringdijk. Niet zo maar een dijk. Een provinciaal monument. Maar ook een dijk die de sterkte moet houden om er zorg voor te dragen dat de doorbraak van 5 november 1675 de laatste blìjft.
Eens klotste de zilte golven van de Zuiderzee tegen de Noordse stenen aan de voet van de Zuiderdijk. Op 28 mei 1932 wordt de Afsluitdijk gesloten: degradeert de zilte Zuiderzee tot het zoete IJsselmeer. Op 14 december 1976 schiet prins Claus met een ouderwets kanon de “achterdeur” van West-Friesland open. De 27,7 kilometer lange Houtribdijk, die Enkhuizen rechtstreeks met Lelystad verbindt. Het Markermeer verschijnt officieel op de kaart van Nederland. De Zuiderdijk is van waker, via slaper tot dromer geworden. Golven van het Markermeer beroeren nu de Noordse stenen van de Zuiderdijk.
Inmiddels zijn in Den Haag normen opgesteld waaraan waterkeringen moeten voldoen om het achterland tegen overstromingen te beschermen. Normen, die zijn vastgelegd in de Waterwet van 22 december 2009. Het IJsselmeer en het Markermeer krijgen dezelfde status als de Noordzee: die van buitenwater en de dijken van het Markermeer worden opgewaardeerd tot primaire dijken. De Dienst Weg- en Waterbouwkunde van Rijkswaterstaat komt – in 2001 in een uitvoerig rapport – tot de conclusie dat de voormalige Zuiderzeedijken een goede staat van dienst hebben en er ook aan de Zuiderdijk langs het Markermeer met enige aanpassingen kan worden volstaan om de bewoners van West-Friesland het veilig wonen te kunnen garanderen. Maar de norm, vastgelegd in de Waterwet, krijgt als uitgangspunt een aanname (een rekenmodel): de gevolgen van een storm met windkracht 12, die tenminste drie dagen duurt en gepaard gaat met hevige, continue regenval.

Mishandeld monument
In 2007 zet het hoogheemraadschap de schop in de Zuiderdijk. Het provinciaal monument wordt tot werkterrein – verboden gebied voor onbevoegden – verklaard. Bulldozers en dumpers bestormen de dijk. Tonnen klei worden van elders aangevoerd om de dijk zowel binnen- als buitengaats te verstevigen, Noordse stenen maken op sommige pekken plaatst voor basaltstenen en betonelementen. Historische onderdelen in dit stuk Omringdijk – de Spuiter (1660) bij Venhuizen en de 425 jaar oude gemetselde lozingskoker bij de Grote Molen in Schellinkhout – zijn opgeruimd.
In 2012 is de Zuiderdijk weer voor het publiek toegankelijk. Een Zuiderdijk met een ander aanzien. Het provinciaal monument is hier en daar flink mishandeld.
Natuurlijk: een dijk dient er primair voor om de bewoners achter de dijk te beschermen tegen wateroverlast. Maar je kunt je toch niet aan de indruk onttrekken dat het toen zittende college van Gedeputeerde Staten – verantwoordelijk voor de beschermde status van dit stuk Omringdijk – de Monumentenverordening in alle stilte heeft voorzien van een “nooduitgang”, waardoor de kwalificatie “beschermd” naar omstandigheden kon worden aangepast.
Elke wil tot behoud van vele eeuwen geschiedenis, alsmede de strijdvaardigheid om deze dijk te verdedigen tegen “beschadiging, vernieling, verplaatsing of in enig opzicht te wijzigen” zijn vooral in de eerste jaren van het werk tot loze woorden geworden.
Johan Schilstra, de vader van de Omringdijk, is hier geen recht gedaan. En dat is jammer.

 

De Zuiderdijk met uitzicht op de Grote Molen van Schellinkhout.
De Zuiderdijk met uitzicht op de Grote Molen van Schellinkhout. Foto: familie Cor Langedijk en Leny Langedijk-Mechielsen.

 


© 1924-2019 Westfries Genootschap - Contact - Sitemap - Privacyverklaring

West-Friesland, een streek met karakter binnen de Omringdijk.

Westfrieslanddag 2019