Ons genootschap werd tijdens de Zomertoer van het Noordhollands Dagblad (van 28 juli tot en met 9 augustus 2013) regelmatig onder de aandacht van de wandelaars gebracht.
Netty Zander en Klaasjan Bak promootten de Westfriese vlag. En op de laatste dag kregen de deelnemers bij de Amsteldijk uitleg over onze vereniging en over de vlag. Ook werden er West-Friese verhalen verteld, rijmen voorgedragen en liederen gezongen.
Dat alles met de vlag op de achtergrond en het pr-materiaal op de voorgrond. Daarbij trakteerde het genootschap op stroopwafels: een zoete ‘douw’ als stimulans voor de lopers van de ruim twintig kilometer lange tocht.

Onder aan de Amsteldijk is er uitleg van Netty Zander en zang van Bregt Buishand.

De vlag wordt gepromoot.
Het prachtige schilderij dat Jannie Kuiper-Wetsteen maakte van de Landbouwtentoonstelling in Opmeer staat een jaar lang te pronken in ons Timmermansgildehuis.
Dit schilderij wordt ieder jaar in bruikleen gegeven aan een instantie, een bedrijf of gemeente, vanwege sponsoring van of inzet voor de Landbouwshow. Aan het eind van de Landbouwdag 2013 bood voorzitter Nico Vriend het schilderij aan aan Ina Broekhuizen en Jan Smit, voorzitter en vice-voorzitter van het genootschap.
Het kunstwerk werd in dank aanvaard en zal een goede plaats krijgen in het gildehuis.

Links Ina Broekhuizen en Jan Smit, rechts Nico Vriend. Tezamen dragen ze het forse schilderwerk van de Landbouwtentoonstelling. (foto Ronald van Etten)
Het Westfries Genootschap kreeg van Jaap en Tineke Meester uit Nibbixwoud een wel heel bijzondere inzending voor onze nieuwe rubriek Westfriese Vlag gaat Mondiaal.
Vanuit Kenia stuurden zij ons deze foto's met bijgaand verhaal.
We zijn net terug van een reis naar Kenia, waar we naast een aantal feesten, het 60 jarig Missionarisschap van MillHiller Hans Burgman, ook de 40 MM hebben gelopen.
Het idee werd anderhalf jaar geleden geboren om onze voettocht van 2003 , het 60 jarig-feest, en het 35 jarig bestaan van de projecten daar in Kisumu Kenia te vieren.
Op de foto achter de vlag Hans Burgman en Molly, organisatoren ter plekke.
Aan de sponsorloop deden ruim tweehonderd mensen mee, waaronder vijfentwintig Nederlanders.
Ook een foto met Gerry Mooij (Heerhugowaard de Noord) ook al jaren als MillHiller werkzaam in Kenia.
En nog een foto met de kinderen in de sloppenwijk van Kisumu.



Voor de tiende keer liep Tiny Vlaar-Buis uit Wognum de Vierdaags van Nijmegen.
Dit jaar droeg ze alle dagen de Westfriese vlag op haar rugtas.
De foto is gemaakt op de Via Gladiola (de St. Annastraat in Nijmegen) bij de intocht. Tiny werd ingehaald door haar man Cor en zussen Ria en Nel.
Zus Nel had de grote vlag van West-Friesland meegenomen.



Van zaterdag 13 juli tot 12 augustus 2013 verovert ook dit jaar het tijdelijke horecapaviljoen Zeespiegel op de Westerdijk in Hoorn haar plek aan zee. Elk weekend worden gasten verrast met een divers aanbod op muzikaal, cultureel én sportief gebied en uiteraard een drankje en hapje. Dit jaar werkt het paviljoen samen met programmabureau Westfriese Omringdijk: een programma vol Westfriese bespiegelingen aan zee!
21 juli 15:00
Doedelzak duo: Stuart Jenkins Bagpipe Musician
27 juli 15.00
Zeewandeling met stadsgids Sebastiaan Hol met o.a. gedichten van Joost van den Vondel, Cornelis Putemmer en Jan Simon Minkema. Vertrekpunt de Zeespiegel.
Aansluitend om 16.30 optreden band het olieplatform.
28 juli 15:00
Michiel Bartels, gemeentelijk archeoloog van Hoorn over de resultaten van het archeologisch onderzoek tussen Hoorn & Enkhuizen: voor, op, na en in de dijk.
3 augustus 15:00
Willem Messchaert, dijkdeskundige over het leven van de dijk
4 augustus 15:00
Kees Kaas schrijft, zingt en speelt liedjes over stad en land, over het leven en… over kaas natuurlijk! Westfriese liedjes van deze trouba‘boer’.
10 augustus 15:00
archtitect & initiatiefnemer van de Zeespiegel Jos Halfweeg over het DNA van Hoorn.
11 augustus 15:00
Ina Broekhuizen, Westfriese gedichten over de dijk uit haar nieuwste boek Een lied over doik.
De achterzaal van het café de Stompe Toren zat zaterdag 29 juni bomvol tijdens de presentatie van ons tachtigste jaarboek West-Friesland Oud & Nieuw. Zeker tachtig belangstellenden, onder wie auteurs, tekenaars, leden, ereleden, inpakkers en cameramensen waren in grote getale naar Aartswoud gekomen. Mooi, die betrokkenheid. Dat men na afloop van de presentatie het nieuwe Rundveemuseum kon bekijken, speelde wellicht ook een rol bij de hoge opkomst.

Ina Broekhuizen en Meindert Nieuweboer bekijken het nieuwe jaarboek. (Foto Netty Zander)
Ina Broekhuizen opende met een welkomstwoord.
‘Welkom in Aartswoud, een kleine maar sterke gemeenschap in het hart van West-Friesland. Een dorp met een kerk, een café en een school én sinds kort een uniek museum: het Rundveemuseum Aart Grootes.
Wie heb 't, zou je zeggen. Maar niet alleen daarom zijn we in Aartswoud. We kozen ook voor de gemeente Opmeer van wege het feit dat er in dit jaarboek meerdere artikelen staan die een relatie hebben met deze gemeente.
Voor de tachtigste keer brengt het WFG een schitterend jaarboek uit.
Redactieleden en schrijvers leverden door de jaren heen telkens weer een prestatie van de eerste orde. Zij maakten een historische document vol artikelen en verhalen, een archief vol jaartallen en gebeurtenissen, een West-Fries geschiedenisboek dat regionale verbanden legt.
Het jaarboek is enkele keren veranderd van lay out en ontwerp.
Het begon in 1926 met dit boek. Vervolgens veranderde het aanzien in 1955, 1967, 1974 en in 1999. In 2012 stapten we over op een andere cover.
Nu is het 2013 en weer is de buitenkant anders.
Groen en blauw zijn de kleuren van dit jaar.
De leden ontvangen deze bundel met daarbij een Vierkant en als afscheidscadeautje van mij een gedichtenboekje getiteld Een lied over doik. Alle uitgevoerd in de tinten groen en blauw: de kleuren van West-Friesland!
Een mooie drieslag zo!
Naast veel lezenswaardige artikelen zijn er ook de belangrijke rubrieken: Kroniek van West-Friesland en bibliografie van West-Friesland. Ook die staan voor geschiedschrijving en archivering. In deze tachtigste uitgave weer meer aandacht voor beeld. Het motto: een foto vertelt meer dan duizend woorden, gaat ook hier op.’
Hierna was het woord aan regio-archeologe Carla Soonius, zij hield een korte inleiding gebaseerd op het artikel ‘Vuurstenen sikkels blinkend in West-Friese klei’, dat geschreven is door Fleur Schinning.
Gerda Wester leest haar West-Friese verhaal, dat gepubliceerd is in het jaarboek, voor.
Vervolgens lazen Gerda Wester en IJs Broers hun West-Friese teksten, die in het jaarboek zijn geplaatst, voor. Die riepen bij de luisteraars een glimlach en ontroering op.
Het eerste exemplaar van West-Friesland Oud & Nieuw 2013 werd daarna uitgereikt aan Meindert Nieuweboer, voorzitter van de stichting Rundveemuseum Aat Grootes.
Voorafgaand aan de overhandiging zei Ina Broekhuizen het volgende.
‘Vrijdag 26 april jongstleden was een grootste dag voor het dorp Aartswoud en voor de stichting Rundveemuseum Aat Grootes. Het nieuwe museum wordt officieel geopend door gedeputeerde Elvira Sweet. Het museum kwam tot stand door de durf, de visie en de inzet van velen.
Een van hen is Meindert Nieuweboer. Hij is één van de trekkers en voorlopers, samen met Aart de Wit uit Obdam. Die namen kan ik hier met een gerust hart noemen, zonder de vele anderen te kort te doen.
Het Westfries Genootschap waardeert de betrokkenheid en het enthousiasme van alle mensen die zich bezighouden met de historie en de cultuur van dit gebied. Het zichtbaar maken, vastleggen en uitdragen daarvan is van groot belang, zeker ook voor de nieuwe generaties. In het kader daarvan is het mij een groot genoegen het eerste exemplaar van het tachtigste jaarboek te mogen overhandigen aan Meindert Nieuweboer.’
Meindert Nieuweboer was blij met het boek. Uiteraard vertelde hij het een en ander over de aanleiding tot en de totstandkoming van het museum.

De redactieleden worden in het zonnetje gezet. V.l.n.r. Martin Menger, Henk Kok, Volkert Nobel, Tom Wester, Peter Smit, Bert Kölker, IJs Broers en Ed Dekker. (Foto Wim Broekhuizen)
Vanzelfsprekend werd de redactiecommissie in het zonnetje gezet. De acht leden kregen een jaarboek en bloemen.
‘De redactiecommissie wil ik van harte bedanken voor hun werk’, zei Ina Broekhuizen. ‘En een werk is het! Lezen, corrigeren, redigeren, foto's, kaartjes, tekeningen bepalen. Drukproeven lezen en herlezen. En dan ligt er eindelijk een boek! Dít boek! Ik feliciteer jullie van harte met het resultaat. Je kunt er trots op zijn. Onze leden zullen er blij mee zijn, wat zeg ik: heel West-Friesland is er blij mee! Ik vertrouw erop dat er nog vele prachtige jaarboeken zullen volgen!’

Freek Appel (midden) overhandigt een boek aan René en Dirk Appel, kleinzoons van Dirk Appel, over wie een artikel in het jaarboek staat.
Als laatste was het woord aan Freek Appel. Hij vertelde over de voorgeschiedenis van het artikel over timmerman, bestuurder en schrijver Dirk Appel. Diens kleinzoons, Dirk en René, waren aanwezig en kregen van Freek twee exemplaren van het jaarboek uitgereikt.
Alle aanwezigen bezochten hierna het Rundveemuseum waar Meindert Nieuweboer en Aart de Wit gedegen uitleg gaven over alle facetten van het museum.

De bijzondere koeien in het land achter het Rundveemuseum.

Meindert Nieuweboer geeft uitleg over de koeienrassen. (Foto Netty Zander)

Uitleg in de stal door Meindert Nieuweboer.

Geanimeerde gesprekken in de stal.

Uitleg in het museum door Aart de Wit.
Foto's Ina Broekhuizen (tenzij anders aangegeven).
Saskia de Vries en Laura Bregman zijn leerlingen van atheneum 5 op het Martinuscollege in Grootebroek.
Voor het vak geschiedenis maakten zij een werkstuk over kermissen in West-Friesland. Ook schreven zij het artikel ‘Kermiscultuur in West-Friesland - zwieren en zwalken’.
Voor hun werkstuk inclusief het artikel kregen zij een 9,5.
Hieronder is het artikel te lezen.
De felgekleurde draaimolen, het weidse uitzicht vanuit het reuzenrad, de gewonnen knuffels bij het ballengooien, de veel te zoete suikerspin, de harde muziek uit de cafés en niet te vergeten – de kermisborrels. Dit zijn enkele onmisbare ingrediënten van de West-Friese dorpskermis. Je komt ze in heel West-Friesland tegen. Maar wat is nu precies het belang van deze dorpskermissen voor onze West-Friese cultuur?
Hoewel de indeling van de kermis vroeger meer vaststond dan nu, is deze nog steeds merkbaar. De gebruikelijke drie kermisdagen zondag, maandag en dinsdag kenden hun eigen invulling. Op zondagmiddag, bij de opening van de kermis, ging men naar het café om samen het begin van de kermis te vieren op de dansvloer. 's Avonds na de uitgebreide maaltijd met de gasten stroomden de cafés weer vol. Vooral de jeugd vermaakte zich hier kostelijk – de liefde hing al in de lucht.
De maandagochtend begon met het ‘eerste deuntje’, het eerste dansnummer, waarbij de ouderen meestal de dans openden. De rest van de dag stond in het teken van vermaak en verbroedering: men ging over de kermis en vierde de kermis thuis, waar gastdagen en -maaltijden werden georganiseerd voor familie en logeetjes. Ook de dinsdag kende een gelijksoortige dagindeling, maar omdat dit de laatste dag van de kermis was werd er op een speciale manier afgesloten: moeders namen hun kinderen mee naar de ‘lichieskermis’, de naam voor de kermis in het donker, waarbij de kramen en attracties sfeervol verlicht waren. De kinderen kregen dan vaak wat snoepgoed en liepen voor de laatste keer over de kermis. Maar de kermispret was nog niet helemaal voorbij! In de loop van de week kon men alweer de eerste kermisfoto's kopen bij een plaatselijke winkelier. Dit waren meestal behoorlijk wat foto's, aangezien de kermisfotografen het feest zo goed mogelijk probeerden vast te leggen.

Kermis De Buurt omstreeks 1910 [1920?] (WFA)
Deze indeling is nu niet meer zo duidelijk, maar verschillende elementen zijn behouden gebleven, zoals het cafébezoek, de ‘lichieskermis’ en de kermisborrels overdag. Vooral deze kermisborrels zijn niet weg te denken uit onze West-Friese kermiscultuur. Ondanks dat de borrels er nu anders uitzien dan vroeger hebben ze niet aan populariteit ingeboet. In plaats van gastdagen met gezamenlijke maaltijden en familieleden en vrienden die bleven slapen bestaan de borrels nu voornamelijk uit een middag of avond waarbij vrienden en familie gezellig wat komen drinken bij de gastheer of gastvrouw. Het is niet ongebruikelijk dat mensen meerdere kermisborrels langsgaan op één dag. Deze zelfgeorganiseerde samenkomsten maken het feest tot een echt volksfeest.
Tijdens de kermisborrels is de alcohol in overvloed aanwezig. Kinderen komen op kermisborrels vaak voor het eerst in aanraking met drank, omdat ouders tijdens deze feestelijke gelegenheid soepeler zijn in het geven van toestemming met betrekking tot drank. Maar ook geven ouders hun kinderen meestal wat meer vrijheid en vertrouwen ze op de zelfstandigheid van hun kroost. Daarom is de kermis voor de jeugd een feest van vrijheid en grenzen verkennen.
Ook kermisgeld is een traditie die nog steeds voortgezet wordt. Kinderen krijgen van hun ouders en hun familie een extra zakcentje om de attracties te kunnen betalen en wat lekkers te kopen op de kermis.
Het feit dat iedereen wat losser is tijdens de kermis uit zich in het alcoholgebruik, het feestgedrag en in het aantal verliefdheden dat ontstaat tijdens de kermis. Ook vroeger was de kermis al de perfecte gelegenheid een ‘vraier’ te vinden. Het kon zijn dat een meisje en een jongen de hele kermis samen doorbrachten, maar sommige jongeren hielden er meer afspraakjes op na. Helaas werden er ook harten gebroken…

Kermis in Hoorn (foto Frits Droog, ca. 1980, WFA)
Maar toch lag de focus vooral op de vrolijke sfeer. Zowel op de kermis zelf als op de kermisborrels overheerste het feestgevoel. Deze uitgelaten stemming zorgde ervoor dat sommigen dachten dat alles mocht tijdens de kermis en was sprake van relletjes, agressiviteit en drankmisbruik. Dit is de keerzijde van een feest dat eigenlijk bedoeld is voor jong en oud. Kinderen worden grootgebracht met de jaarlijkse tradities rond het kermisfeest – hoewel deze tradities een minder grote rol innemen binnen het kermisfeest en het feest minder strikt en net is dan vroeger. Dit komt waarschijnlijk doordat er vandaag de dag meer mogelijkheden tot amusement beschikbaar zijn. Maar de kermis is natuurlijk wel uniek in zijn soort!
Al met al staan het samenzijn en de gezelligheid centraal tijdens onze West-Friese dorpskermissen. Helaas duurt dit maar drie dagen… Maar voor de West-Friezen gaat deze gezelligheid niet alleen op tijdens de kermis, want voor hen geldt: gezelligheid kent gien toid!
Saskia de Vries
Laura Bregman